dinsdag 26 januari 2010

Deel 12 van zeep soep - zaterdag 23 januari

Zaterdag: ochtenddienst.
Inke werkt samen met Coen en Tim. Tim heeft een luie bui, gaat op zijn gemakje bij de expeditie zitten, voeten op tafel, bak koffie erbij en een dosis humor, hij had zijn bui weer.
Om het kwartier belde hij naar Inke met zijn moppen: 'ken je die al?'
Inke werd er gek van en zette te telefoon op de intercom zodat Coen mee kon luisteren, ze gierden het uit.

Coen had voor ontbijt gezorgd. Hij had een weddenschap verloren. Hij had mooi uitgepakt, sinaasappelsap, croissantjes en krentenbrood met roomboter.

Tim belde weer eens en Coen zette de telefoon maar weer op de intercom, hij en Inke dachten dat hij weer een mop had, dit keer was het geen mop.
Bij de expeditie kwam een vrachtwagen om computers te lossen, toen Tim de papieren controleerde kwam er met een noodgang een bestelbusje aanrijden waaruit vier gemaskerde boeven uitstapten. Ze braken de vrachtwagen open en laadden de computers over in het busje. Tim belde naar Coen en Inke, waarop zij meteen actie ondernamen.
Coen ging linksom en Inke rechtsom, mochten de boeven wegrijden, was er sowieso iemand die ze zou zien.
Inke ziet het busje rijden en komt op haar af. Inke is niet dom en had haar camera bij zich die ze snel aan had gedaan en filmde het busje die haar richting op kwam, de boeven hadden de maskers nog op, jammer, geen gezichten op beeld.
Het busje rijdt Inke voorbij en Inke ziet een jongetje met zijn hond die de straat willen oversteken, het busje remt een en de bestuurder raakt in de slip, het busje belandt in de sloot, Inke is nog steeds aan het filmen.
Tim had inmiddels te politie gebeld en zij kwamen er al aan. Mooi op tijd, kunnen ze de boeven uit het water vissen.
Met een nat pak werden ze in een politiebus geladen en naar het bureau gebracht.
Het bestelbusje van de boeven werd uit het water gehaald. De computers waren nat geworden en onbruikbaar.

Inke en Coen gaan terug naar binnen, koffie was koud geworden. Tim belde weer: 'deze mop ken je vast niet!'

maandag 25 januari 2010

Priscilla

Zestien is ze; Priscilla.
Ze zit op het VMBO, vierde klas, bijna eindexamen en dan kan ze eindelijk van school want school zuigt.
Nee, Priscilla is niet weg van school. Dat stomme leren, pfff. Stomme kinderen in de klas. Stomme jongetjes die nog zo kinderachtig zijn.
Nee, Priscilla heeft andere vriendjes, die zijn al 17 en 18. Giovanni, Ramon, Santino en Carlos.
Die heeft ze in de buurt leren kennen, via een vriendinnetje, Alysha.

Op een dag vertelde Alysha dat ze een paar coole gasten heeft leren kennen, of ze mee wil.
'Ja tuurlijk', zei ze. Eerst ging ze mee naar Alysha's huis, om kleren uit te zoeken, 'die gasten houden van korte rokjes' zei Alysha.
Na een verkleedpartij van een half uur, Priscilla wist niet wat ze aan wilde, met als gevolg dat ze het eerste jurkje wat ze aan had weer aan heeft getrokken, dikke laag lippenstift, en hoge hakken, daar gingen ze met z'n tweeën naar de coole gasten.

Nu had Priscilla gedacht dat ze naar een huis gingen, niets was minder waar. Ze gingen naar de fietsenkelder.
Was wel grappig eigenlijk, ze hadden het een beetje ingericht als woonkamer, er stond een bank, wat stoelen en een vloerkleed eronder en het stonk er ongelooflijk naar weed.
En daar zaten de coole gasten. Cool waren ze zeker. Met hun lange rasta haar en Karl Kani kleding en een dikke joint ging van hand tot hand.
Priscilla voelde zich meteen cool, dat ze zomaar bij ze mocht komen.
Priscilla glunderde.
'Skatje kom toch' roept er één naar Alysha. 'Dat is Ramon', zegt Alysha tegen Priscilla.
'Is dat je vriendin?' vraagt Ramon aan Alysha. 'Jij ziet er lekker uit meisje', zegt Ramon tegen Priscilla. Priscilla voelt zich opgetogen en glundert.
De andere jongens staan op en gaan om de meisjes heen staan. Santino aait over haar haar, 'ik geil op blond', zegt hij tegen Priscilla. 'En jij hebt wel coole dreads', zegt ze.
Priscilla en Alysha mogen op de bank zitten, Priscilla krijgt meteen een joint in haar hand gedrukt. Ze had ooit eens een joint gerookt, gelukkig, dan gaat ze niet af.

Santino gaat naast haar zitten en wrijft met zijn handen over haar benen, Priscilla voelt zich geweldig. Langzaam trekt hij haar jurkje omhoog, 'lekker hè', zegt Santino. 'Ja' zegt ze.
'Ik vind je lekker skatje' zegt hij en stopt beide handen onder haar jurkje. Priscilla vind hem leuk maar iedereen zit mee te kijken. Alysha zegt: 'we laten jullie wel even alleen' en knipoogt naar de andere jongens en ze gaan naar buiten.
Priscilla en Santino zijn alleen, hij trekt haar jurkje uit, ze heeft er alleen en slipje onder, verder niks, deze trekt hij voor haar uit. Santino trekt alleen zijn Karl Kani broek naar beneden ze doen het op de bank. Hij is snel klaar. Priscilla weet niet of ze klaar is gekomen, het was haar eerste keer.
Hij trekt zijn broek weer op, doet Priscilla's jurkje aan en alsof ze er klaar voor stonden, kwamen de jongens en Alysha weer binnen. Alysha knipoogt naar Priscilla en ze lacht terug.
'Kom' zegt Alysha, ze hebben nog wat te doen. En ze gaan naar het huis van Alysha, weer omkleden, want ze heeft immers het jurkje van Alysha aan.

Dat was twee jaar geleden en Priscilla was goedgekeurd en sinds die dag zit Priscilla bijna elke dag in de fietsenkelder. Als zij er is, zijn er ook wel eens anders meisjes, dan moet ze even buiten wachten tot ze klaar zijn. Als zij binnen is moeten de anderen ook even wachten.
Meestal duurt het niet zo lang, de coole gasten zijn meestal vlug klaar. Daarom doet ze dus meestal een jurkje aan, die gaat toch alleen maar omhoog, broekje omlaag en klaar.
Priscilla vind het leuk dat ze haar zo leuk vinden en elke keer dat ze de fietsenkelder verlaat krijgt ze geld.
Met dat geld koopt ze leuke truitjes en jurkjes, dan gaat ze samen met Alysha shoppen.
Priscilla's moeder heeft toch niks door, die is druk aan het werk en als haar moeder vraagt waar een truitje of jurkje vandaan komt, dan vertelt ze dat ze die van Alysha heeft gekregen.
En zo doet Alysha dat weer tegen haar moeder.
Beide moeders controleren toch niet, want ze zijn vooral druk met werken en het huishouden.

Daarom hoopt Priscilla dat de school gauw voorbij is, dan kan ze overdag en veel vaker naar de fietsenkelder, lekker geld verdienen.

Nieuw zadel

Ongeveer driekwart jaar terug reed ik over de Prins Hendrikstraat, ik ging 's avonds van werk naar huis, het is donker en ik reed door een kuil heen. 'Knak' zei mijn zadel.
Thuis het zadel wat rechtgedraaid maar het bleef zakken. Fietsen kon ik er wel mee, geen probleem, het zadel zette ik ook niet meer recht, het zakte meteen weer terug.
Donderdag voelde ik de 2e 'knak'. Thuisgekomen zet ik de fiets in de kelder en pakte het zadel beet en het zat losjes, jahoor, de vering afgebroken.
Vrijdag, zaterdag en zondag fietste ik er nog mee, ging best, ik zie dat het leer mijn zadel aan de voorkant ging scheuren, dus ik voelde de bui al hangen. Dat gaat scheuren en dan heb ik ineens geen zadel meer.
Vandaag weer op de fiets en ik rijd terug van de markt naar huis en 'knak' nummer 3. Ik voelde mijn linker bil een beetje zakken.
Inmiddels had ik ook het idee dat ik wat raar op de fiets zat, het fietste ook wat moelijk.

Vorig jaar had ik mijn oude, helemaal afgereden fiets bij grofvuil gezet en het zadel, een gelei zadel, eraf gehaald, want: wat goed is doe je niet weg.
Dus vanmorgen het oude zadel van de fiets gehaald, oud, wat is oud, 2,5 jaar, vind ik geen lange levensduur voor een zadel en het gelei zadel erop gezet.
Ik zit ineens hoger.
En het zit weer beter.
En kuilen omzeilen.
Sinds die eerste 'knik' weet ik op dat stuk de kuilen te vinden, de gemeente moet er maar eens naar kijken, het zijn geen gewone kuilen, de grond is gewoon gezakt.

Deel 11 van zeep soep - vrijdag 22 januari

Na werk had Inke afgesproken om met haar vriendin Nikki naar het café te gaan. Om 16 uur hadden ze afgesproken bij de Zwarte Ruiter.
Nikki werkt ook als beveiligster maar dan in het centrum, boevenjacht, zoals ze het zelf noemt.
Nikki is daar niet bang voor, soms pakt ze twee tegelijk in hun kraag. Nikki is er één, die is nergens bang voor.

Een paar jaar geleden waren Inke en Nikki shoppen in Amsterdam, naast hun stond een man zijn zakken te vullen met parfumflesjes. Nikki en Inke zien dat en ze lopen naar buiten en blijven voor de deur staan.
Op het moment dat de man naar buiten loopt laat Inke de man struikelen en Nikki vraagt het personeel om de politie te bellen.
Inke en Nikki nemen de man mee terug naar de winkel en daar laadde hij zijn spullen uit zijn tas, 10 flesjes had hij. Toch nog een hoop geld.
De man wordt door de politie meegenomen en Inke en Nikki mogen een verklaring afleggen wat ze hebben gezien.
Dat werd een ander dagje Amsterdam dan ze dachten.
Van de winkel kregen ze beide een flesje parfum, daar waren ze blij mee.

Inmiddels zijn ze beide in de Zwarte Ruiter, tijd voor een biertje, Nikki drinkt mee, samen aan de Leffe. Ze hebben een boel bij te praten, omdat beide beveiligen is er een kleine kans dat ze tegelijk vrij zijn.
Nikki vertelt dat ze de laatste tijd veel boeven pakt. 'Sinds de crisis', zegt ze. 'Het lijkt wel of ze ineens allemaal geen geld meer hebben'.
Ze pakte vorige week een meisje van 8 jaar, die bij de supermarkt haar schooltas vol laadde met vlees en kaas. Haar zusje stond op de uitkijk, een meisje van 6 jaar. Ze had alleen niet goed opgelet.
Beide meisjes moesten mee naar het bureau, de moeder werd gebeld (vader spoorloos, nooit meer gezien) en ze werd boos op beide dochters. Moeder ging te keer, de agent moest haar tegenhouden.
Wat bleek, de kinderen waren in opdracht van de moeder aan het stelen, geen geld, geen eten, dan maar stelen. Moeder had gezegd: 'als we geen eten hebben, mag je het gratis meenemen'.
Moeder werkt niet, kinderen horen op school en geen geld. De vader was vlak na de 2e verjaardag van de jongste spoorloos verdwenen, niemand weet waar hij is. Dus krijgt moeder geen alimentatie en met een uitkering redden ze het niet.
Moeder zit met de handen in het haar en weet zich geen raad.

Inke en Nikki vinden het triest. Helaas kunnen zij er niks aan doen.
Na de 2e Leffe besluiten ze een kroegentocht te doen, eerst naar de overkant, de Boterwaag.
Komen ze Herman tegen, jahoor. Jeetje Herman. Die kennen ze van 'vroeger'.
Toen Inke en Nikki nog op school zaten was er één lulletje in de klas en dat was Herman. Dat is nu een jaar of 15 geleden en veel veranderd is hij niet. Hij zit er alleen en zo te zien niet aan de eerst whisky cola. Hij hangt half over de tafel en praat tegen zijn glas.
Inke en Nikki liggen in een deuk en lopen naar Herman. 'Hé Herman', roept Inke. Herman kijkt omhoog en ziet Inke en Nikki staan. Hij schrikt en valt meteen van zijn stoel af en belandt onder de tafel. Inke en Nikki gieren het uit.
Herman probeert op zijn stoel te komen maar hij is zo dronken dat dat niet lukt. Hij pakt zijn stoel beet en kukelt weer op de grond.
De café-eigenaar heeft er geen zin in, belt een taxi en stopt hem er in, zo hop naar huis, lekker slapen.

Volgende keer deel 12

zondag 24 januari 2010

Zoektocht

Eind november wilde ik een Sinterklaasgedicht printen en het papiertje kwam net zo uit de printer als ik 'm er in deed: zonder tekst. Ik print niet echt veel, de keer ervoor dat ik de printer gebruikte was in mei, instapkaart voor het vliegtuig. Nu zat de cartridge er al jaren in dus dat die leeg is, is logisch.

Dinsdag dacht ik er weer aan, toch nog even proberen, want, de afgelopen keer had ik een ander soort papier gebruikt, iets gladder, misschien lag het daar aan. Dus ik probeer een gewoon velletje, niks, komt er net zo wit uit als ik 'm erin deed.

Donderdag dus maar op zoektocht, oude verpakking mee, want ik snap geen bal van cartridges. Zo kom ik als eerste bij MyCom, die heeft er geen. Ik vraag of mijn printer echt zo oud is dat ik waarschijnlijk een andere printer moet. De verkoper laat mij wat zien en dat zijn enorme koelkasten. Die van mij is klein en makkelijk, geen poespas, klaar. Ik bedank 'm met: 'sorry maar dit is veel te groot' en loop door naar Dynabyte die ernaast zit. Ook daar hebben ze die van mij niet. De verkoopster was erg aardig en vertelde mij dat ik of bij de Media Markt of bij Berlage kantoorboekhandel langs kan gaan, of anders via bol.com. Omdat ik toch tegenover de Media Markt stond ben ik daar eerst langs gegaan. Nu is er een mega wand met cartridges en niet die van mij.

Door naar Berlage.
En jahoor, daar ligt ie, bovenin de kast, eenzaam en alleen, op de bovenste plank. Het lag er wat zielig 'eenzaam aan de top' bij, je hoorde het al roepen:'ik ben de laatste, neem me mee'.
En daar kwam ik.
De verkoopster zei al:' deze wordt niet meer verkocht, daarom staat ie bovenaan'.
Ik reken netjes af (mijn god wat zijn die dingen nog steeds duur) en ga naar huis, in de hoop dat het niet de printer was die het niet deed maar dat het aan de lege cartridge ligt.
Thuis aangekomen, vol spanning: doet ie het of doet ie het niet.
Even puzzelen hoe de oude er ook alweer uit moest. Gelukkig zit er bij de nieuwe een uitleg, dat ging vlot, de nieuwe erin, klik klaar.
Vlug typ ik een paar letters en een paar dikgedrukt en printen maar.
De printer moest er over nadenken, ik hoor wat priet priet, het beweegt wat kort heen en weer en jahoor, het papier gaat er doorheen.
Vol spanning wacht ik tot het papier er uit komt en jahoor....met tekst!!! Joepie, hij doet het, mijn oude inmiddels 12-jarige printer werkt nog net zo goed!!! Nu kan mijn printer nog een paar jaar mee en hoef ik nog niet aan een koelkast model.

vrijdag 22 januari 2010

Op zoek naar Jezus







Jezus bestaat, echt waar. Hij woont in Lima in Peru.
Als hij geen Jezus is, is hij Mario, de vrachtwagenchauffeur. Populair en geliefd bij zijn vrienden.
Maar eens per jaar verandert hij in iemand anders. Hij bereidt zich voor op de grote rol van Jezus tijdens Pasen.

'Hij wil dat we hem geselen zodat het echt is'. 'Sla me'zegt hij, 'sla me'.
Hij heeft overal wonden en zijn huid is kapot. Ze zetten hem ook een doornenkroon op. De doornen verwonden hem en hij bloedt.

Toen Mario twee jaar geleden de doop van Christus speelde verdronk hij bijna. Voor Mario betekent al die pijn niets vergeleken met wat hij in zijn jeugd heeft meegemaakt.
'Ik leefde in een negatieve wereld, een kapotte wereld'. 'Een vals leven in een stad zonder moraal'. 'Het vuil, het ergste en het slechtste'. 'Ik voelde me velen malen slechter'.

Op het dieptepunt van zijn leven ontmoette Mario een man met een witte baard die hem mee nam naar een kerk. 'Daar spraken we tot God en hebben we samen gebeden'. 'Hij droeg de mis op en vanaf dat moment veranderde mijn leven'. 'Hij zegende me en was opeens verdwenen'. 'Z'n lichaam was weg, maar z'n geest was nog in mij'.
Dit betekende een totale omslag.

Met lang haar en een baard speelde hij Jezus in een straattheater.
In Lima had nog nooit iemand met zoveel overgave Jezus gespeeld.
Mario leeft naar het voorbeeld van Jezus maar z'n vrouw en kinderen begrepen hem niet en gingen bij hem weg.
'Ze vonden dat ik gek geworden was omdat ik niet goed voor m'n gezin zorgde en dat ik er niet voor hen was'.

Mario is nu echter niet alleen.
De relatie tussen Maria Magdalena en Jezus Christus gaat verder dan alleen het toneel.
Susana Hernandez speelt Maria Magdalena. Zij en Mario zijn samen.
'Het is een eer om de vriendin van Jezus te zijn'. Zij is nu zijn grootste fan.
'Ik zeg Jezus tegen hem, niet Mario'. 'Ik voel me Maria Magdalena en ik hou van Jezus'.

Jezus:' Het zou een kroon op mijn leven zijn om met Pasen te worden gekruisigd'. 'En daarna te verdwijnen'.






donderdag 21 januari 2010

De advocaat en de dwerg

Beide kwamen ze aan op het politiebureau, het was een komisch gezicht.
De advocaat, een gezette man met een rood gezicht, hij waggelt wat, hij loopt als een pinguin. De dwerg in zijn nette grijze pak gestoken en waggelt net als de advocaat als een pinguin.
De advocaat met een bundeltje papieren in zijn handen en de dwerg met een attache koffer. Ze komen verhaal halen, nou ja, de dwerg dan.

Zijn computer is gesloten, jawel, door de politie. Helemaal onterecht. En daarom komt hij 'even langs'. De advocaat is mee omdat hij de rechten wel kent.

Het liep iets anders.....

Agent Jan komt de aangifte opnemen. Agent Jan kijkt in de computer en ziet dat een paar dagen geleden een inval is geweest in het huis van de dwerg. Porno, nou ja, vooral kinderporno. De computer moest mee. 'Allemaal onterecht'. De dwerg vertelt dat er helemaal geen porno op staat, dat het allemaal lulkoek is.
De advocaat zegt nog steeds niks.
Tja, zegt agent Jan. Volgens ons dossier mag u nog even thuis blijven, het land niet verlaten maar de computer krijgt u nog even niet terug. Het onderzoek loopt nog. De dwerg wordt een beetje nijdig en zegt dat er geen porno op de computer staat en dat de politie gek is.
De advocaat zegt nog steeds niks.
Agent Jan zegt dat een aangifte geen zin heeft, de politie heeft een redelijk vermoeden dat er iets op de pc staat wat niet helemaal goed is. De dwerg wordt een beetje boos en slaat met zijn vuistje op tafel. Agent Jan vraagt of hij dat niet wil doen, dat helpt niet. De dwerg wordt nog bozer en ramt een paar keer met zijn vuistjes op de tafel. Agent Jan belt naar zijn collega voor assistentie. Collega Kees komt eraan en had net vernomen dat er wel erg veel porno op de computer staat. Vooral kinderporno. Agent Kees vertelt de dwerg dat hij een nachtje mag blijven slapen en morgen verder verhoord wordt. De dwerg begint heel erg te flippen, agent Jan pakt zijn handboeien en zet zijn vuistjes erin en zet de man vast aan de stoel, 'zo dat is een beetje beter' zegt agent Jan.

Agent Kees vertelt aan de dwerg wat hij allemaal heeft gezien en dat waren geen fraaie plaatjes, kleine meisjes zonder kleertjes aan. De dwerg schreeuwt dat het niet waar is, dat de politie hem in de maling neemt en dat de politie het er afgelopen dagen zelf op heeft gezet.
De advocaat zegt nog steeds niks.

Agent Kees heeft de foto's op een stickje gezet en laat ze aan de dwerg zien. Hij kijkt opgelucht, 'dat zijn geen kinderen' zegt hij. 'Kijk, ziet u mij?' 'Ik ben klein en ik kan geen gewone vrouw vinden en ik ben op zoek naar een kleine vrouw, je weet wel, zo eentje die bij mijn lengte past'. 'Die vind je niet zo gauw'.

Agent Kees wijst hem op de foto's: 'u ziet toch zelf wel dat dit geen volwassen vrouwen zijn?' 'Dit zijn kinderen'. 'Misschien heeft u een bril nodig maar dit kan iedereen zien'. De dwerg houdt vol dat hij geen porno zocht maar een vrouwtje die bij hem past. Agent Kees vind het een bizar verhaal. De dwerg wordt in hechtenis genomen en mag een nachtje blijven...als het niet langer wordt. De advocaat geeft hem nog een kaartje met telefoon nummer en zegt: 'als je me nodig hebt kun je me bellen'.